Image
24/02/2003

VENETIË: Verdwalen in La Serenissima

Venetië is uniek. Deze duizend jaar oude eilandhandelsmacht in een lagune aan de Adriatische Zee is een formidabel kantwerk van kanaaltjes, steegjes, bruggetjes en duizelingwekkende architectuur. "Verdwalen in de straatjes" heeft nog nooit zo letterlijk geklonken als in La Serenissima, waar de examens voor postbode en gondelier aartsmoeilijk zijn en niemand een rijbewijs nodig heeft.

Autorijden kán gewoon niet in Venetië: alles gebeurt per boot en met kruiwagentjes die vooraan petieterige wieltjes hebben om de trappen en bruggetjes over te kunnen. Politieboten razen over het Canal Grande, gondels vol toeristen glijden gracieus door de kanalen, motorboten laden en lossen fruit en groenten op de markt aan de Rialtobrug, een zwarte boot met een lijkkist vaart traag richting kerkhofeiland San Michele, een vuilnisboot zet koers naar het vasteland, overladen vaporetto's (de 'bussen' van de kanalen) meren even aan en trekken zich pruttelend weer op gang naar hun volgende halte, en bezadigde Venetianen steken rechtstaand het Canal Grande over in een traghetto, de gondel van de gewone man...

Varen op het Canal Grande

De beste en goedkoopste manier om het leven op het Venetiaanse water gade te slaan, is vaporetto nummer 1 te nemen aan de Piazzale Roma of aan het treinstation aan de overkant. In een dik halfuur vaart die de volledige lengte van het Canal Grande af naar San Marco (en verder naar het Lido, het chique beach resort van Venetië). Onderweg krijg je niet alleen de bruisende activiteit aan de kades te zien, maar word je ook getrakteerd op tientallen adembenemende gevels van eeuwenoude palazzo's. Naast toeristische toppers als het prachtige Ca' d'Oro, de marmeren Rialtobrug en het met goudmozaïeken bezette Palazzo Salviati, moet je als student vooral letten op Ca' Foscari, aan de rechteroever in de laatste bocht vóór San Marco, vlak voorbij het zijkanaal met dezelfde naam. Ca' Foscari is de hoofdzetel van de universiteit (www.unive.it), en zou eindelijk volledig gerestaureerd moeten zijn (maar in Italië weet je nooit). Hier - in een laat-Gotisch paleis - werd in 1868 de Venetiaanse handelshogeschool ondergebracht, die pas 100 jaar later de titel van universiteit kreeg. Een echte studentenstad kan je Venetië bezwaarlijk noemen, maar wie goed kijkt vindt toch studentenactiviteit in de buurt rond Ca' Foscari, en ook in Santa Croce, de wijk waar Venetiës meest prestigieuze faculteit is gevestigd: de IUAV (Instituto Universitario di Architettura di Venezia - www.iuav.unive.it). Privé-koten zijn peperduur, dus in de buurt van de uniefs vind je veel aanplakbriefjes waarop roommates worden gezocht. Uitgaan gebeurt in buurtbars en osteria's en duurt zelden langer dan tot een uur of twee. Een pint bier van 40 cl kost minstens 3,10 euro, dus wie wil doorzakken met de Venetiaanse studenten kan het maar beter houden bij een lokaal wijntje.

Acqua Alta!

Maar we waren op weg naar San Marco, misschien wel het beroemdste plein ter wereld. Een volle dag is niet te veel voor een bezoek aan de basiliek, het Palazzo Ducale, de 99 meter hoge Campanile en de musea rond het plein. Wie niet goed weet welke musea te bezoeken en welke niet, kan zich hier een museumpas aanschaffen. Die kost 15,50 euro en is geldig voor 9 musea, inclusief het Palazzo Ducale. Studentenkorting krijg je meestal enkel met een Rolling Venice-pas, voor 2,58 euro te verkrijgen voor iedereen onder de 26. Je krijgt er ook korting mee op openbaar vervoer, overnachtingen, concerten enzovoort. In geen geval te missen is het Palazzo Ducale, waar honderden jaren lang de Doge zetelde, de ultieme vertegenwoordiger van de zeemacht die Venetië was. Het paleis is overweldigend, met een eindeloze reeks reusachtige kamers en zalen, een mini Jeroen Bosch-museum en het obligate wandelingetje over (of liever: doorheen) de Brug der Zuchten. Ook verplichte kost is de basiliek, een geslaagd huwelijk tussen westerse en Byzantijnse architectuur. Goed nieuws: de basiliek mag je gratis binnen (als je rokje niet te kort is tenminste) en de koepelmozaïeken zijn du jamais vu.

Als je 's winters in Venetië bent, kan het gebeuren dat er plots sirenes beginnen te loeien. Geen bomalarm, maar wel de aankondiging van acqua alta, ofte hoog water. Dan komt San Marco onder pakweg een halve meter water te staan: een uniek zicht (en die ellendige duiven zijn even weg). Je hoeft niet per se rubberlaarzen te kopen: er zijn genoeg houten loopplanken voorzien. Vergeet je camera niet, want een paar uur later trekt het water weer weg. Toch is dit niet alleen een fotogenieke gebeurtenis, maar ook een verontrustend fenomeen: Venetië zakt langzaam maar zeker weg in de lagune. Hoe men dit gaat voorkomen is in La Serenissima nog steeds voer voor verhit (politiek) debat.

Het getto en de lagune-eilandjes

Waar je op en rond San Marco, en ook in de peperdure winkelstraten nabij de Rialtobrug, tegen reusachtige hoeveelheden toeristen moet opboksen, kan het ook een stuk rustiger. Wandel bijvoorbeeld eens naar het piepkleine maar buitengewoon sfeervolle en verrassend stille joodse getto, een boogscheut benoorden de Ponte delle Guglie. Het is een soort eiland-in-een-eiland met een paar joodse culturele centra, een kosher restaurant, een museum en vijf synagoges. Je kunt er drie van bezoeken met een gids vanuit het museum. Vanbuiten zie je ze niet (ze zitten weggemoffeld op verdiepingen), maar let op de vijf ramen naast elkaar: één raam voor elk van de boeken van de Thora.

Helemáál rustig en anders wordt het als je een boot neemt naar de lagune-eilandjes. Het piepkleine Torcello, op drie kwartier varen, is waar het allemaal begon: hier kwamen meer dan duizend jaar geleden de eerste vluchtelingen wonen, toen dit nog een lagune was met drassige eilandjes vol malaria. Op Torcello staat een kathedraal met schitterende Byzantijnse mozaïeken. Een paar honderd meter schoolslag verderop hijs je je aan land in Burano, eiland van vissers en kantwerksters, vol schattig gekleurde huisjes en door de zilte zeewind gelooide oudjes. Dichter bij Venetië kan je nog naar Murano, in feite één grote tourist trap waar men je zo snel mogelijk zoveel mogelijk glaswerk wil verkopen. Interessanter is San Michele, het volledig ommuurde Napoleontische kerkhofeiland waar je - net als op Père Lachaise in Parijs - op zoek kan gaan naar een paar beroemde doden. Om dan uiteraard snel weer terug te varen naar Venetië, de unieke eilandstad die tot nader order nog steeds bruist van het leven.

Venetië praktisch

Hoe er geraken?

Venetiës luchthaven Marco Polo ligt - hoe kan het ook anders? - aan het water. Het zijn turbulente tijden in de luchtvaart, maar bij het ter perse gaan vloog je met SN Brussels het goedkoopst. Nog goedkoper kan het als je met Ryanair van Charleroi naar Treviso vliegt, 30 kilometer landinwaarts. Van Treviso rij je dan per bus naar Venetië. Als je in Marco Polo landt, kan het met meer stijl: dan neem je de Alilaguna-boot naar Venetië. Te duur? Ook vanuit Marco Polo rijden er bussen. De omnibus nr. 5, die overal stopt, is het goekoopst.

Geld

Italië is een duur vakantieland, en Venetië is de duurste stad van Italië. Geen paniek echter: onbetaalbaar is het nu ook weer niet. In Londen ben je nog steeds veel meer geld kwijt. Toch een paar beruchte voorbeelden als waarschuwing: een minuscule espresso in een grand café op het San Marco-plein maakt je maar liefst 6 tot 6,5 euro lichter, en een Bellini-cocktail in Harry's Bar, de legendarische stamkroeg van Ernest Hemingway, kost zo maar eventjes 12 euro. Dit gezegd zijnde: in elke bescheiden trattoria in de minder toeristische zijstraatjes kan je dan weer een espresso met een heerlijke gevuld focacciabrood krijgen voor minder dan 5 euro. Aan jou de keuze!

Slapen

Als je op het eiland Venezia zelf wil logeren, begin dan maar te sparen: de hotels zijn peperduur. De regel is: nabij de Piazzale Roma en het treinstation is het nog net te doen, maar dichter bij San Marco wordt het ronduit onbetaalbaar. Je kan eens shoppen op www.hotelinvenice.com, een efficiënte portal met een soepel en efficiënt boekingsysteem (je kan gratis annuleren tot de dag voor aankomst). Is een hotel sowieso boven je budget gegrepen, dan zijn er wel een paar alternatieven. Op Giudecca, het langwerpige eiland vlak onder Venetië, ligt de enige echte jeugdherberg van de stad: Ostello Venezia (041/523.82.11, maar je kan ook boeken via elke computer van Hostelling International). En zelfs kamperen is mogelijk: Campeggio Fusina (041/547.00.55) ligt op het vasteland vlak bij een gore parking, maar er is wel een vaporetto-halte vanwaar je makkelijk naar Venetië kan.

Vervoer

Wat een zegen: Venetië is een volstrekt autoloze stad. In principe kan je overal te voet naartoe, maar af en toe - zeker als je de lagune-eilandjes wil bezoeken - is een boottochtje wel aangewezen. De publieke boten heten vaporetto's, ze zijn snel, efficiënt, soms een beetje vuil en overladen, maar meestal big fun. En ze zijn duur, of wat had je gedacht. De beste optie is een meerdagenpas kopen waarmee je onbeperkt kan varen. Wij hadden er een voor drie dagen, en die kostte 18,08 euro. Dat valt best mee als je weet dat een enkel ticket 3,10 euro kost. Ten slotte nog een weetje: gondels, beste studenten, zijn er voor de Japanners en kosten een half maandloon per tochtje.

(HDP)


Comment

  • Slider
  • Slider

TopMovies

SOCIAL



Poll

Job in the picture

GUIDO NV is het nummer 1 Belgische niche-mediabedrijf naar de doelgroep jongeren (studenten in het bijzonder), scholieren en Young Starters

Bruiloftstraat 127, 9050 Gentbrugge
Tel.: +32 (0) 9 210 74 84