Belgische 'horrorprofessor' ERNEST MATHIJS doet in Canada onderzoek naar cultgehalte Kuifje-film
Terwijl vakbonden verwoed onderhandelen over werkduurverkorting en nogal wat werknemers worstelen met een burn-out, zijn er ook mensen die maar niet genoeg krijgen van hun job. Ze staan op met hun werk, gaan ermee slapen, en 's nachts dromen ze ervan. Zeven dagen op zeven. And they love it. Het zijn workaholics, en GUIDO probeert een gaatje te prikken in hun overkokende agenda.
Professor Ernest Mathijs is afkomstig uit Limburg en studeerde communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Daar doctoreerde hij op de films van David Cronenberg. Daarna trok Ernest westwaarts, eerst naar de Aberystwyth University in Wales en in 2006 naar de University of British Columbia in Vancouver, Canada, waar hij filmdocent is en onderzoek doet naar cultfilms.
GUIDO: Ik meen begrepen te hebben dat niet alleen je academische leerstoel je kluistert aan Canada?
Ernest: Het is aan mijn onderzoek dat ik mijn gezin dank: ik was uitgenodigd op het Festival van de Fantastische Film in Brussel om in een panel te zitten over ‘horror heroines’. De Canadese actrice Emily Perkins maakte ook deel uit van dat panel. Enkele dagen later heeft ze een diner met Paul Schrader afgezegd opdat we elkaar beter konden leren kennen. Ik ben de organisatoren van dat festival nog steeds dankbaar, want ondertussen zijn Emily en ik al jarenlang gelukkig samen.
Cult Movie Research
GUIDO: Is Cult Movie Research jouw voornaamste onderzoekstopic?
Ernest: Ja, al heeft een tijdje geduurd vooraleer ik zelf dat label heb aanvaard. Eerst dacht ik dat ik met David Cronenberg en horrorfilm en publieksonderzoek bezig was, maar gaandeweg bleek dat allemaal onder één noemer te vallen, namelijk cult movies. Het zijn films van een zekere marginale natuur die het traditionele consumptiepatroon van film kijken overhoop gooien, en die eigenaardige fans en vertoningen aantrekken. Van The Lord of the Rings via Canadese horror zoals Ginger Snaps tot het Belgische Daughters of Darkness, al mijn onderzoek bleek tot die term terug te brengen.
GUIDO: Ik ben geen wetenschapper, maar hoe kun je een begrip als 'cult' meten en kwantificeren?
Ernest: Aha, the million-dollar question. Kijk, als het bezigen van de term ‘cult’ betekent dat iemand wel of niet 10 euro gaat betalen om een film te bekijken (of de wet breekt door te downloaden) en dan daarna samen met tientallen anderen op haast rituele wijze en met een zeker fanatisme die film blijft herbekijken, en die film ook als social currency gaat gebruiken, dan is dat voor mij een fenomeen waardig om bestudeerd te worden. Die dingen kan je zeker meten: frequentie van vertoningen, het volume van debat, de manier waarop een publiek een film benadert, het verschil tussen een geprefabriceerde hype en de manier waarop een film in een subcultuur leeft. Kijk bijvoorbeeld naar een van de meest gedemoniseerde subculturen: die van de Goths. Sinds de school shootings in Columbine wordt die groep, zeker in Noord-Amerika, afgeschilderd als zondebok. Als je doordringt tot de online-discussiefora blijkt dat die subcultuur een relatief kleine groep films hanteert om zichzelf te identificeren en te handhaven tegenover die barrage van antipathie. Jezelf fan verklaren van een film zoals Donnie Darko of Ginger Snaps - een film die opent met twee tienermeisjes die creatief met zelfmoord omgaan vooraleer ze als weerwolven wraak nemen voor hun onderdrukking - is dan geen vrijblijvende pose meer. Het is een culturele daad met implicaties voor je dagelijks leven.
GUIDO: Nu wil je je onderzoek toepassen op de Kuifje-film van Spielberg, die in Canada pas eind december in de zalen komt.
Ernest: Het onderzoek naar The Adventures of Tintin maakt deel uit van een groter project, waar ook andere films bijhoren: Splice, In Bruges, The Social Network en Paranormal Activity. Ik wil nagaan of het voor kleinere films makkelijker is een cultstatus te verwerven dan voor films met een wijd publiek. Bovendien is The Adventures of Tintin een test case. Tegenwoordig zijn er zoveel onderdelen van de cultfilm die door de mainstream industrie worden gebruikt. De midnight movie is zelfs een promotiestunt geworden, denk maar aan Harry Potter. Misschien kan de ontvangst van Tintin ons leren in hoeverre de cultfilm nog wel echt een rebelse vorm van film kijken is? Ook de lange termijn is belangrijk: in eerste instantie zal The Adventures of Tintin zich wellicht gedragen zoals elke andere blockbuster, met hooguit een paar verschillen. Maar daarna?
Hype versus Cult
GUIDO: Hoe reageren de filmproducenten op jouw onderzoek?
Ernest: De ene groep gedoogt ons onderzoek, maar trekt er zich weinig van aan. Dikwijls is dat omdat ze weten dat ze een grote hit hebben, zoals The Lord of the Rings, waarvan ik ook de ontvangst heb onderzocht. Ik denk dat The Adventures of Tintin een gelijkaardig geval is. Onderzoek naar kleinere onderdelen van hun publiek doet er dan niet toe. Een andere groep producenten toont actieve interesse, maar is argwanend, ofwel omdat ze niet goed weten hoe de term ‘cult’ in hun referentiekader past (dat merkten we met ons onderzoek naar In Bruges), ofwel omdat ze nog steeds denken dat de term ‘cult’ betekent dat de film het slecht gaat doen aan de kassa. Dat was het geval met de producent van Splice, die vooral wilde vermijden dat de term ‘cult’ aan zijn film verbonden zou worden. Uiteindelijk is Splice effectief gemarginaliseerd, maar ik denk niet dat mijn project daarvoor verantwoordelijk was. Anderzijds zijn er ook producenten die enthousiast reageren. Dat was het geval met Paranormal Activity, een film die een zeer slimme marketingcampagne had waarin men het publiek in het middelpunt van de belangstelling plaatste. Dat leidde tot een hype, waarna een schare fans achterbleef voor wie de film een cultfenomeen werd. Ons onderzoek helpt aantonen hoe binnen een zeker traject verschillende soorten publieksaantrekking kunnen werken. Dat laatste is wat ons zo interesseert bij een film als The Adventures of Tintin. Kan er binnen de massa nog plaats zijn voor het soort appreciatie en ervaring dat ‘cult’ is, of verdrukt de hype de ‘cult’? Moet de cultfan van Kuifje even ondergronds gaan omdat er aan de hysterie niet te ontkomen valt, en komt hij achteraf terug boven water?
GUIDO: Doet de figuur Kuifje eigenlijk een belletje rinkelen bij de Canadezen?
Ernest: Zeker, vooral in de Franstalige provincie Québec, maar Kuifje is hier niet zo alomtegenwoordig als in Europa. Om eerlijk te zijn, de Belgische roots van Kuifje spelen in het voordeel van een cultreputatie. Veel Noord-Amerikanen weten niet goed wat ze zich cultureel bij België moeten voorstellen, en dat alleen al zorgt voor verwarring. Cultreputaties drijven op ambiguïteit, op het feit dat het grote publiek niet echt begrijpt wat er zo bijzonder is aan een cultfilm. Voeg daar nog aan toe dat sommigen denken dat Tintin Frans is, en dat er een schare fanatieke fans is van allerlei pluimage, en je hebt op zich al een fenomeen dat als weird wordt beschouwd door Canadezen en Amerikanen.
GUIDO: Om voor de hand liggende redenen word jij wel eens 'horrorprofessor' genoemd. Mogen we dat koosnaampje ook toepassen op jouw manier van omgaan met je studenten?
Ernest: Sure. Streng maar rechtvaardig!
Doe zelf mee aan het Kuifje-onderzoek van professor Mathijs op www.tintinresearch.net
Vijf cultfilms die je gezien moet hebben volgens professor Mathijs
Videodrome (David Cronenberg, 1983)
Begotten (E Elias Merhige, 1991)
The Room (Tommy Wiseau, 2003)
Thundercrack (Curt McDowell, 1975)
Haxan – Witchcraft Through the Ages (Benjamin Christensen, 1922)
Zijn (steeds veranderende) persoonlijke top-25 vind je op www.cultographies.com.