Knelpunteconomie vereist flexibiliteit
“VDAB-topman pleit voor verplichte omscholing” kopten de kranten enkele weken geleden. Fons Leroy zou daarmee volgens velen een bom leggen onder de vrije studiekeuze en schoffeerde, afgaand op de reacties, heel wat mensen. Maar de topman wil helemaal niet tornen aan het principe dat mensen bij de keuze van hun opleiding hun hart moeten volgen. Hij pleit wel voor flexibiliteit van de mensen die na hun opleiding op de arbeidsmarkt komen en wil hen aanzetten om hun talenten op een zo breed mogelijk vlak in te zetten. Dat daar soms extra opleidingen voor nodig zijn, is gewoon de logica zelve.
100.000 Knelpuntvacatures
Vlaanderen telt meer dan 100.000 openstaande banen in knelpuntberoepen. Voor heel wat van die vacatures vinden werkgevers moeilijk mensen met het juiste profiel. Deels heeft dat te maken met de vaststelling dat onderwijs en arbeidsmarkt in sommige sectoren onvoldoende op elkaar aansluiten. Simpel gezegd: je leert op school niet meer wat er vandaag de dag op de arbeidsmarkt wordt gevraagd. Maar er zijn ook mensen die studierichtingen verlaten waarvoor de vraag op de arbeidsmarkt onderhand zo goed als opgedroogd is. Maatschappelijk en in het vooruitzicht van de evolutie op die arbeidsmarkt kunnen we het ons niet veroorloven om die mensen uitzichtloos in de werkloosheid te laten terechtkomen. Evenmin willen we hen enkel een toekomst bieden als ze beneden hun niveau minder aantrekkelijke banen invullen, louter om hun portemonnee te spijzen. Niemand wil echter mensen bezweren om studiekeuzes te maken die ingegeven worden door de kortetermijnnoden van de arbeidsmarkt. Studies moet je blijven kiezen uit passie en interesse. Maar het blijkt ook maar al te dikwijls dat een keuze voor een bepaalde richting wordt ingegeven door globale achtergronden van de opvoeding, of een verwachtingspatroon van je naasten waar je tegen aankijkt. Ook de sociale omgeving speelt een rol, net als het imago van de jobs die je met je keuze voor ogen hebt. Heel wat factoren dus die je studiekeuze en dus vooral je professionele ambities bepalen. Wees eerlijk, het is dan toch helemaal niet zo vreemd dat er een pleidooi wordt opgezet om naast al die factoren ook de markt in rekening te brengen? Je koopt toch ook geen gsm meer die enkel nog de mogelijkheden van de eerste pionierstoestellen heeft?
Omscholing en heroriëntering
Onze bachelors en masters vinden doorgaans vlot een baan. Vooral omdat ze, naast een brede opleiding en achtergrond, vaak ook de flexibiliteit aan de dag leggen om zich in te schakelen in de arbeidsmarkt. Niet alle psychologen kiezen voor een zelfstandige praktijk, maar komen behoorlijk aan de bak in een ruim aanbod aan andere beroepen, zij het soms via de nodige omscholing en heroriëntering.
Willen we het hoofd bieden aan de knelpunteconomie die op ons afkomt, dan moeten we daar gewoon met elkaar duidelijke afspraken over maken. Wie op de arbeidsmarkt komt, niet meteen een baan vindt en een uitkering claimt, moet ook bereid zijn zich te schikken naar de wetmatigheden van die arbeidsmarkt. En dat betekent dat je flexibel genoeg bent om te kijken wat die arbeidsmarkt nodig heeft en welke talenten jij kunt inzetten om de knelpunten in die arbeidsmarkt te vullen. De VDAB is daarin een waardevolle gids, die samen met jou op zoek gaat naar de gevraagde jobs die het best aansluiten bij jouw competenties. En als dat nodig is, je de meest passende opleiding suggereert om je kansen in het beroep van je keuze maximaal te benutten. Kies dus gerust met passie voor je studierichting, maar neem zoveel mogelijk elementen mee om die keuze te maken. Wat er nodig is op de arbeidsmarkt daar aan toevoegen, is gewoon een gezonde marketing van je eigen keuzes en geen verplichting van een arbeidsmarktorganisatie.